Het drama van Joost van den Vondel

Historische datum 28 juni 1655

Joost van den Vondel, handelaar in zijde en dichter-toneelschrijver, bevond zich op het hoogtepunt van zijn roem toen hij in problemen raakte met zijn zoon. Uiteindelijk zou dit leiden tot zijn financiële ondergang. Over deze enige zoon en grootste zorgenkind, Joost junior, duiken nieuwe details op in de notariële akten.

VeleHanden-deelnemer Annet stuitte op een getuigenverklaring uit 1655, gedaan op verzoek van Baertgen Hooft, de voormalige vrouw van Joost van den Vondel junior. Van den Vondel had de zijdehandel in de Warmoesstraat overgenomen van zijn vader. De zaken gingen snel bergafwaarts en ook privé gedroeg hij zich niet zoals een vader dat graag zag. Voor notaris Reinier Duee in de Kalverstraat verschenen Arent Harmens, kleermakersgast, en Annetje Jans, een voormalige dienstmaagd van Hooft.

Arent en Annetje verklaren dat Joost van den Vondel junior zich zeer onbehoorlijk kon gedragen en zijn vrouw voor het aanzien van alle buren voor hoer uitmaakte. Maar ook bedreigde hij haar met een mes en degen en verder met alles wat hij in huis maar te pakken kon krijgen; zelfs met tangen en brandhout ging hij haar te lijf. Op een nacht, toen Baertgen in bed lag, kwam Vondel en zette zijn duim zo op haar keel 'dat het swarte bloet uijt haar keel sprongh'. Door tegen het bed te kloppen kon zij haar dienstmeiden waarschuwen, die binnenstormden om haar te ontzetten. Na dit incident zou Van den Vondel zelf aan de andere getuige, Arent Harmens, hebben gevraagd om 's nachts in hun huis te blijven om te beletten dat hij haar zou vermoorden. Het loopt echter opnieuw uit de hand en de kleermakersgast vertelt de notaris dat zij het zonder hem niet overleefd had.

'Seggende en sweerende deselve van de Vondel dickwils mede dat hij haar soude vermoorden ende om t leven brengen'

Van den Vondel roept dat zij toch niet van hem af gaat. Hij heeft het mis: zij vlucht met haar minderjarige kinderen naar haar neef Hillebrant Arentsz Sobbe en regelt een scheiding, 'omme alle ongeluck te voorcomen ende haar leven niet te verliezen'.

Van den Vondel was inmiddels failliet verklaard. Hij laat zijn bejaarde vader met schulden achter die hem de rest van zijn lange leven zouden achtervolgen. Zou hij de neef van Baertgen verantwoordelijk hebben gehouden voor alles dat misging in zijn leven? Sobbe is duidelijk een vertrouweling van Baertgen: ze vlucht immers naar zijn huis en hij bevindt zich ook in het notariskantoor om het slechte gedrag van Joost van den Vondel junior te onderschrijven. Later wordt hij ook gemachtigd om haar zaken af te handelen. In 1657 loopt Vondel Sobbe toevallig bij een wijnhandelaar tegen het lijf en gaat volgens ooggetuigen door het lint. In een getuigenverklaring wordt opgetekend dat Van den Vondel Sobbe schuimbekkend aan de jas trekt en dreigt hem te vermoorden. Hij verwijt Sobbe bovendien wat al te intieme omgangsvormen met zijn eerdere vrouw te hebben. Doelde hij hierop, toen hij Baertgen nog tijdens hun huwelijk voor hoer uitmaakte en haar ervan beschuldigde 'met de pollen te lopen' (lees als: zich te laten onderhouden/haar man te bedriegen)?

Wat er exact voor zorgt dat de maat vol is is niet bekend, maar het doek valt uiteindelijk voor Joost van den Vondel junior. In December 1659 wordt hij, na een verzoek ingediend door zijn vader, naar Oost-Indië verbannen. Hij sterft echter tijdens de reis en zijn lichaam wordt in zee gegooid.

De arme oude Joost van den Vondel - hij werd 91 jaar - overleefde al zijn kinderen plus een groot aantal kleinkinderen. De laatste jaren van zijn leven moest hij zelfs al zijn boeken verkopen om geld veilig te stellen voor zijn eigen begrafenis. Joost van den Vondel heeft voor zover bekend geen dichtregel gewijd aan zijn ondankbare zoon Joost junior.

Locatie
Tags

17e eeuwAttestatieFamilieMishandeling
Deel artikel

     
   Gerelateerde artikelen