Poging tot Insinuatie

Historische datum 21 september 1772 | Notaris Egidius Cremer

Een notaris in functie werd blijkbaar niet altijd met respect ontvangen. Egidius Cremer had geen beste dag toen hij zich met rechte rug begaf naar het huis van een in gebreke blijvende koopman.

Wat is een Insinuatie?

Iemand kon via de notaris een persoon insinueren - onder druk zetten - om zijn of haar verplichtingen na te komen. De notaris klopte dan in eigen persoon aan bij de geinsinueerde. Maakte dit geen indruk, dan kon een juridische procedure gestart worden door de insinuant. Het middel van de insinuatie werd regelmatig ingezet door kooplieden als iemand na een levering niet wilde betalen, of juist andersom niet leverde als de andere partij wel betaald had, maar ook particulieren maakten er gebruik van: bijvoorbeeld om te regelen dat iemand eindelijk de afrekening van een erfenis regelde, of om bij een onbedoelde zwangerschap alimentatie af te dwingen.

Bij een insinuatie begaf de notaris zich dus buiten zijn kantoor. Hij ging dan met een gevolg van zijn klerk en getuigen dwars door de stad op weg naar het huis van de geinsinueerde om de klacht voor te lezen. Soms probeerde hij het nog eens als de geinsinueerde niet thuis bleek, maar anders liet hij zijn boodschap achter bij degene die toevallig de deur opendeed; de vrouw des huizes, een ander familielid of aan personeel.

De notaris en zijn klerk zullen er vast professioneel hebben uitgezien tijdens deze publieke uitvoering van hun taak. Toch werden zij niet altijd met het grootste respect ontvangen, blijkt uit de verklaring van notaris Egidius Cremer - die zijn geschreven akte voorzag van een smeulende inleiding over zijn ontvangst bij de heren Gildemeester.

'ik Notaris met mijn getuijgen alleenig in de gang staande.'

Jan Gildemeester en zoonen

Egidius Cremer gaat met getuigen naar het huis van Jan Gildemeester - het zal toch niet om deze chique koopman en kunstverzamelaar Jan Gildemeester op de Herengracht gaan? - op verzoek van de kooplieden Jan Berents Cremer en zonen, in verband met het uitblijven van betaling voor een geleverde partij gerst. Het idee is om, een routineklus, Jan Gildemeester te vinden en hem de insinuatie op kalme wijze voor te lezen.

Het loopt net iets anders deze dag. De insinuant wordt thuis aangetroffen maar is geheel niet onder indruk van de notaris en zijn gevolg. Hij buldert 'in veel drift' dat het toch echt zijn zaken niet zijn. Regel maar wat met de knecht! Jan Gildemeester verdwijnt het huis in en laat de verbouwereerde notaris op de stoep achter.

Egidius Cremer laat het er niet bij zitten en wil een knecht volgen naar de keuken: 'dog de keukendeur met de kruk er uit voor mij Notaris en de getuijgen wordende toegegooijt met een hartelijk gelach en geschaater'. Geen nood: Cremer gaat onder een lamp in de gang staan en leest met luide stem de insinuatie voor zodat alle huisgenoten het verhaal over de wanbetaling kunnen horen. Hij houdt het lezen tot het einde toe vol, al wordt de insinuatie een paar keer verstoord door de dienstboden die 'een andermaalen zig hebben laaten zien en hooren met een groot geschal en gelag'.

Uiteindelijk wordt het stil in huis. De notaris schraapt zijn keel en roept nog eenmaal of iemand een antwoord wil geven op de voorgelezen insinuatie en protestatie. Alles blijft stil en donker en Cremer heeft geen andere keus dan af te druipen naar zijn kantoor op de Singel.

Met dank aan invoerder Frank Visser.

Tags

18e eeuwInsinuatieDienstmeid
Deel artikel

     
   Gerelateerde artikelen